Lasposities¶
Samenvatting¶
Lasposities beschrijven de oriëntatie van een lasverbinding ten opzichte van de zwaartekracht tijdens het lassen. De positie waarin wordt gelast heeft een grote invloed op de moeilijkheidsgraad van het laswerk, de benodigde lastechniek, de lasparameters en de uiteindelijke kwaliteit van de las.
Niet iedere las kan in de meest gunstige positie worden uitgevoerd. Grote tanks, leidingen en constructies kunnen vaak niet worden gedraaid of verplaatst, waardoor de lasser zich moet aanpassen aan de positie van het werkstuk.
Binnen Jongia wordt tijdens de engineering en productie zoveel mogelijk geprobeerd onderdelen zo te positioneren dat zij in een gunstige laspositie kunnen worden gelast. Wanneer dit niet mogelijk is, worden aangepaste lastechnieken en ervaren lassers ingezet om ook in moeilijke posities een hoogwaardige las te realiseren.
Theorie¶
Wat zijn lasposities?¶
Een laspositie geeft aan hoe een werkstuk zich bevindt tijdens het lassen.
De zwaartekracht heeft invloed op:
- het smeltbad;
- de vorm van de las;
- de hoeveelheid toevoegmateriaal;
- de kans op doorzakken;
- de moeilijkheid van het lassen.
Daarom worden lasposities internationaal gestandaardiseerd.
Waarom zijn lasposities belangrijk?¶
Een las die eenvoudig horizontaal kan worden gelegd, wordt aanzienlijk moeilijker wanneer dezelfde verbinding boven het hoofd moet worden gemaakt.
De laspositie beïnvloedt onder andere:
- de laskwaliteit;
- de lassnelheid;
- de kans op lasfouten;
- de benodigde ervaring van de lasser.
Daarom wordt tijdens de productie altijd gekeken of een werkstuk kan worden gedraaid naar een gunstigere positie.
Vlakke positie (PA)¶
De vlakke positie wordt beschouwd als de eenvoudigste laspositie.
Kenmerken:
- het werkstuk ligt horizontaal;
- de las wordt van bovenaf gelegd;
- het smeltbad wordt goed ondersteund door de zwaartekracht.
Voordelen:
- hoge laskwaliteit;
- hoge lassnelheid;
- geringe kans op lasfouten.
Waar mogelijk wordt deze positie gekozen.
Horizontale positie (PB en PC)¶
Bij horizontale lasposities bevindt de las zich aan de zijkant van het werkstuk.
De zwaartekracht trekt het smeltbad naar beneden.
Daardoor moet de lasser:
- de warmte beter beheersen;
- de hoeveelheid toevoegmateriaal nauwkeurig doseren.
Deze positie is moeilijker dan de vlakke positie.
Verticale positie (PF en PG)¶
Bij verticaal lassen loopt de las omhoog of omlaag.
Er bestaan twee varianten.
Verticaal omhoog (PF)¶
Hierbij beweegt de lasser van beneden naar boven.
Voordelen:
- goede inbranding;
- geschikt voor dikkere materialen.
Nadelen:
- lagere lassnelheid;
- hogere moeilijkheidsgraad.
Verticaal omlaag (PG)¶
Hierbij wordt van boven naar beneden gelast.
Voordelen:
- hoge snelheid;
- geschikt voor dun materiaal.
Nadelen:
- geringere inbranding.
Boven het hoofd (PE)¶
De bovenhandse positie is één van de moeilijkste lasposities.
De las wordt onder het werkstuk gelegd.
Hierdoor werkt de zwaartekracht tegen de lasser.
Belangrijke uitdagingen zijn:
- doorvallend smeltbad;
- lasspatten;
- moeilijke beheersing van de las.
Deze positie vraagt veel ervaring.
Posities bij pijplassen¶
Voor leidingwerk worden vaak andere coderingen gebruikt.
Veel voorkomende posities zijn:
- H-L045;
- J-L045;
- 5G;
- 6G.
Met name de 6G-positie wordt beschouwd als één van de moeilijkste lasposities, omdat tijdens het lassen vrijwel alle lasrichtingen voorkomen.
Invloed op de lasparameters¶
Afhankelijk van de laspositie worden vaak de volgende instellingen aangepast:
- lasstroom;
- spanning;
- lassnelheid;
- draadtoevoer;
- elektrodehoek.
Hiermee wordt voorkomen dat het smeltbad moeilijk beheersbaar wordt.
Laspositie en productkwaliteit¶
De laspositie beïnvloedt:
- de vorm van de las;
- de kans op porositeit;
- de kans op ondersnijding;
- de kans op doorbranding;
- de maatvastheid.
Daarom worden kritische verbindingen waar mogelijk in een gunstige positie uitgevoerd.
Internationale codering¶
Volgens ISO 6947 worden lasposities aangeduid met codes.
Veelgebruikte codes zijn:
| Code | Omschrijving |
|---|---|
| PA | Vlak |
| PB | Horizontale hoeklas |
| PC | Horizontale stompe las |
| PD | Bovenhandse hoeklas |
| PE | Bovenhandse stompe las |
| PF | Verticaal omhoog |
| PG | Verticaal omlaag |
Deze codering wordt wereldwijd gebruikt in lasdocumentatie en kwalificaties.
Praktijk bij Jongia¶
Binnen Jongia wordt tijdens de productie geprobeerd onderdelen zo te positioneren dat zij in een gunstige laspositie kunnen worden gelast. Door gebruik te maken van draaitafels, manipulatoren en opspanmiddelen kan een groot deel van het laswerk in de vlakke positie worden uitgevoerd. Dit verhoogt de productiviteit en de kwaliteit van de lasverbindingen.
Bij grote tanks, mengers of leidingconstructies is dit echter niet altijd mogelijk. In die gevallen worden ervaren lassers ingezet die gekwalificeerd zijn voor het lassen in verschillende posities. Tijdens de engineering wordt hier soms al rekening mee gehouden door de constructie zodanig te ontwerpen dat belangrijke lassen beter bereikbaar zijn.
Veelgemaakte fouten¶
- Denken dat iedere laspositie even eenvoudig is. De zwaartekracht heeft een grote invloed op het gedrag van het smeltbad en daarmee op de moeilijkheid van het lassen.
- De lasparameters niet aanpassen aan de positie. Instellingen die goed werken in de vlakke positie zijn vaak ongeschikt voor verticaal of bovenhands lassen.
- Onnodig in een moeilijke positie lassen. Wanneer een werkstuk kan worden gedraaid, levert dit vaak een hogere kwaliteit en een kortere productietijd op.
- Laspositie verwarren met lasmethode. Een laspositie beschrijft de oriëntatie van het werkstuk; TIG, MIG of MAG beschrijven het gebruikte lasproces.
- De invloed op de laskwaliteit onderschatten. Moeilijke lasposities vergroten de kans op defecten zoals doorbranding, ondersnijding of onvoldoende inbranding en vragen daarom meer ervaring en controle.