Ga naar inhoud

Geluid

Samenvatting

Geluid is een belangrijk aandachtspunt bij het ontwerpen, produceren en gebruiken van menginstallaties. Hoewel een menger tijdens normaal bedrijf altijd geluid produceert, kan een verandering in het geluidsniveau of het type geluid een aanwijzing zijn voor een technisch probleem. Door goed naar een installatie te luisteren kunnen afwijkingen vaak vroegtijdig worden ontdekt.

Binnen Jongia wordt geluid niet alleen beschouwd als een aspect van arbeidsveiligheid, maar ook als een hulpmiddel bij inspectie en onderhoud. Ongewone geluiden kunnen wijzen op slijtage, verkeerde uitlijning, cavitatie, resonantie of beschadigde lagers. Door dergelijke signalen tijdig te herkennen, kunnen storingen en ongeplande stilstand vaak worden voorkomen.


Theorie

Wat is geluid?

Geluid bestaat uit trillingen die zich als drukgolven door een medium, meestal lucht, voortplanten.

Deze trillingen worden opgewekt wanneer een object beweegt of trilt.

Bij een menginstallatie kunnen vrijwel alle bewegende onderdelen geluid produceren.


Waar komt het geluid vandaan?

Een menginstallatie produceert geluid door verschillende bronnen.

Veel voorkomende bronnen zijn:

  • elektromotor;
  • tandwielkast;
  • lagers;
  • koppeling;
  • as;
  • impeller;
  • stroming van het product;
  • ventilatoren;
  • pompen.

Vaak is het totale geluidsniveau een combinatie van meerdere bronnen.


Normaal bedrijfsgeluid

Iedere installatie heeft een karakteristiek geluidsbeeld.

Bij normaal bedrijf zijn vaak hoorbaar:

  • een gelijkmatig motorgeluid;
  • een constante tandwielkast;
  • stromingsgeluid van de vloeistof;
  • lichte luchtverplaatsing.

Dit geluid verandert nauwelijks zolang de installatie goed functioneert.


Afwijkende geluiden

Een verandering in het geluid is vaak een eerste aanwijzing dat er iets mis is.

Voorbeelden zijn:

  • piepen;
  • schuren;
  • tikken;
  • ratelen;
  • brommen;
  • kloppen;
  • fluiten.

Niet ieder geluid betekent direct een storing, maar afwijkingen verdienen altijd aandacht.


Mogelijke oorzaken

Afwijkende geluiden kunnen verschillende oorzaken hebben.

Bijvoorbeeld:

  • versleten lagers;
  • beschadigde tandwielen;
  • loszittende onderdelen;
  • verkeerde uitlijning;
  • onbalans;
  • cavitatie;
  • resonantie;
  • onvoldoende smering.

Een juiste diagnose voorkomt onnodige reparaties.


Cavitatie

Wanneer lokaal dampbellen ontstaan en weer imploderen, ontstaat cavitatie.

Dit veroorzaakt vaak:

  • een knetterend geluid;
  • trillingen;
  • materiaalbeschadiging.

Cavitatie komt vooral voor bij pompen, maar kan onder bepaalde omstandigheden ook in mengprocessen optreden.


Resonantie

Resonantie ontstaat wanneer een onderdeel meetrilt met een natuurlijke eigenfrequentie.

Gevolgen kunnen zijn:

  • sterk toenemende trillingen;
  • meer geluid;
  • vermoeiingsscheuren;
  • versnelde slijtage.

Door het toerental of de constructie aan te passen kan resonantie vaak worden voorkomen.


Geluidsniveau

Geluid wordt meestal uitgedrukt in decibel (dB).

Een hogere decibelwaarde betekent een hoger geluidsniveau.

Omdat de decibelschaal logaritmisch is:

  • lijkt een kleine stijging in dB gering;
  • maar neemt de geluidsenergie veel sterker toe.

Daarom kunnen enkele decibels verschil al goed hoorbaar zijn.


Geluid en onderhoud

Geluid is een belangrijk hulpmiddel bij preventief onderhoud.

Een ervaren monteur kan aan het geluid vaak herkennen:

  • welk onderdeel afwijkend functioneert;
  • hoe ernstig het probleem is;
  • of direct ingrijpen noodzakelijk is.

Tegenwoordig worden hiervoor ook trillings- en geluidsmetingen gebruikt.


Geluid versus trillingen

Geluid en trillingen hangen vaak samen, maar zijn niet hetzelfde.

Geluid Trillingen
Voortplanting van drukgolven Mechanische beweging van onderdelen
Hoorbaar Vaak voelbaar en meetbaar
Kan wijzen op een probleem Is vaak de oorzaak van het geluid

Bij een storing worden beide vaak samen onderzocht.


Praktijk bij Jongia

Binnen Jongia vormt geluid een belangrijk hulpmiddel tijdens het testen, inbedrijfstellen en onderhouden van menginstallaties. Een installatie die jarenlang hetzelfde geluidsbeeld heeft en plotseling anders klinkt, verdient nader onderzoek. Vaak zijn veranderingen in geluid eerder waarneembaar dan zichtbare schade.

Tijdens servicewerkzaamheden wordt daarom niet alleen gekeken naar de technische staat van componenten, maar wordt ook geluisterd naar motoren, tandwielkasten, lagers en afdichtingen. In combinatie met trillingsmetingen, temperatuurmetingen en visuele inspecties kan een beginnende storing vaak vroeg worden opgespoord.

Bij nieuwe ontwerpen wordt bovendien geprobeerd om resonantie, onbalans en overmatige geluidsproductie zoveel mogelijk te voorkomen door een goede constructie, nauwkeurige uitlijning en een zorgvuldig gekozen aandrijving.


Veelgemaakte fouten

  • Afwijkende geluiden negeren. Een klein piepend of brommend geluid kan het eerste teken zijn van een groter technisch probleem.
  • Geluid direct aan de motor toeschrijven. Ook lagers, koppelingen, tandwielkasten, impellers of het proces zelf kunnen de oorzaak zijn.
  • Geluid en trillingen als hetzelfde beschouwen. Hoewel ze vaak samen voorkomen, zijn het verschillende verschijnselen met elk hun eigen meetmethoden.
  • Alleen het geluidsniveau beoordelen. Ook het type geluid, het ritme en het moment waarop het optreedt geven belangrijke informatie.
  • Pas ingrijpen wanneer de installatie uitvalt. Vroegtijdig onderzoek naar afwijkende geluiden maakt preventief onderhoud mogelijk en voorkomt vaak kostbare stilstand.